frambozen planten

Frambozen planten voor een zomer vol zoete oogst

Frambozen zijn makkelijk te planten en geven al snel veel vruchten. Ze groeien goed in tuinen met genoeg zon en wat beschutting tegen de wind. Of je nu een grote moestuin hebt of een paar planten in de hoek van je tuin wilt zetten, frambozen passen er altijd bij. De vruchten smaken fris en zoet, en zijn lekker om zo te eten of te gebruiken in toetjes. Door te kiezen voor verschillende soorten kun je van juni tot oktober frambozen plukken. Met de juiste voorbereiding en verzorging heb je elk jaar weer plezier van je eigen frambozenstruiken.

De beste plek en bodem voor je frambozen

Frambozen houden van een zonnige plek. Hoe meer zon, hoe zoeter de vruchten worden. Ze groeien het liefst op losse, luchtige grond die goed water doorlaat. Zware kleigrond is minder geschikt, tenzij je die mengt met compost en zand. Zorg er ook voor dat de grond niet te nat blijft. Een iets verhoogd bed of een rij langs een hek werkt vaak goed. Frambozen hebben graag wat beschutting tegen de wind, zodat de stengels niet breken. Het is slim om van tevoren onkruid te verwijderen en compost door de aarde te mengen. Zo begin je met een goede bodem.

Wanneer en hoe plant je frambozenstruiken

Het planten van frambozen doe je bij voorkeur in de herfst of het vroege voorjaar. De planten zijn dan in rust en slaan beter aan. Zet de struiken op ongeveer veertig centimeter van elkaar. Als je meerdere rijen maakt, houd dan minstens anderhalve meter ruimte tussen de rijen. Frambozen groeien recht omhoog en hebben steun nodig. Span bijvoorbeeld een paar draden tussen palen, zodat je de stengels daaraan vast kunt maken. Plant de struiken niet te diep. De wortels moeten net onder de grond zitten, maar de knoppen aan de stengel moeten vrij blijven. Geef na het planten ruim water.

Zomerframboos of herfstframboos kiezen

Er zijn twee soorten frambozen: zomerframbozen en herfstframbozen. Zomerframbozen geven vruchten in juni en juli. Ze groeien op stengels die het jaar ervoor zijn gevormd. Die stengels kun je na de oogst wegknippen, omdat ze het jaar erna geen vruchten meer geven. Herfstframbozen geven vruchten vanaf augustus tot aan de eerste vorst. Deze groeien op nieuwe scheuten die datzelfde jaar uit de grond komen. In de winter kun je dan alles kort snoeien. Herfstframbozen zijn vaak wat makkelijker, omdat het snoeien simpel is. Wil je een lange oogsttijd, dan kun je beide soorten combineren in je tuin.

Verzorgen en snoeien voor een goede oogst

Frambozen hebben water nodig, vooral in droge periodes. Geef het liefst in de ochtend water en zorg dat het bij de wortels komt. Onkruid weghalen helpt de plant om beter te groeien. Frambozen maken veel nieuwe scheuten. Kies elk jaar de sterkste uit en verwijder de rest. Dat voorkomt dat je tuin vol groeit en helpt om grotere vruchten te krijgen. Zomerframbozen snoei je in juli of augustus. Knip de stengels die vruchten hebben gegeven tot aan de grond weg. Laat de jonge scheuten staan, want die geven volgend jaar vruchten. Bij herfstframbozen snoei je alles in februari tot net boven de grond.

Frambozen plukken, bewaren en gebruiken

Frambozen zijn rijp als ze makkelijk van de plant loslaten. Pluk ze met je vingers en leg ze in een plat bakje, zodat ze niet geplet worden. Bewaar ze niet te lang. Het beste is om ze meteen op te eten of in de koelkast te bewaren. Je kunt frambozen ook invriezen. Spreid ze eerst uit op een schaal, vries ze los en doe ze daarna in een zakje. Zo paste ze niet aan elkaar. Frambozen zijn lekker in yoghurt, op een taart of in jam. Ze bevatten veel vitamines en passen goed in een gezond eetpatroon. Met je eigen oogst kun je het hele jaar genieten van de zomerse smaak.

Scroll naar boven